Waar gaat het naartoe met deze wereld? Waar gaat het naartoe met deze wereld?
Die vraag stond afgelopen zondag centraal in de Kandelaar. Wat een positieve reacties zijn er op die online samenkomst gekomen. Op de prachtige kunstwerken (die we bewaren voor betere tijden). Op de muziek, het beeld en het geluid. Er is heel hard aan gewerkt om dat zo goed mogelijk te krijgen: gebruikers thuis vragen andere dingen dan een kerk vol mensen… En ook op het verhaal uit Matteüs 24 dat ik hield. Het jij Matteüs 24 en 25 al gelezen?

Waar gaat het naartoe met deze wereld? Zoals gezegd, geeft Jezus een verrassend antwoord dat vaak verkeerd is opgevat. Maar eerst nog een keer de vraag van de leerlingen. ‘Vertel ons, wanneer zal dat allemaal gebeuren en aan welk teken kunnen we uw komst en de voltooiing van deze wereld herkennen?’ (Matteüs 24:3). Jezus had namelijk net tegen hen gezegd: ‘Hebben jullie dat alles [de tempelgebouwen] goed gezien? Ik verzeker jullie: geen enkele steen zal op de andere blijven, alles zal worden afgebroken!’

Nu hoor je aan de vraag van de leerlingen dat ze duidelijk denken: ‘Als de tempel wordt afgebroken, dan is dat het einde van de wereld.’ Op dat gevoel geeft Jezus antwoord. Eerst vertelt hij over die vreselijke gebeurtenis die uiteindelijk in het jaar 70 daadwerkelijk heeft plaatsgevonden (dat deel van zijn antwoord loopt helemaal van vers 4 tot vers 36).

Ik pak er een paar uitspraken uit. ‘Jullie zullen berichten horen over oorlogen en oorlogsdreiging. Laat dat je dan niet verontrusten, die dingen moeten namelijk gebeuren, al is daarmee het einde nog niet gekomen’ (Matteüs 24:6). ‘Het ene volk zal tegen het andere ten strijde trekken en het ene koninkrijk tegen het andere, en overal zullen er hongersnoden uitbreken en zal de aarde beven: dat alles is het begin van de weeën’ (Matteüs 24:7-8). Hiermee tekent Jezus de periode tussen 33 en 70 na Christus. Die dreiging van hongersnoden, aardbevingen, conflicten en oorlogen hebben op die periode betrekking – die kun je niet zomaar doortrekken naar nu.

Maar er zijn ook andere verzen, waardoor het wel net lijkt alsof Jezus het niet over het einde van de tempel, maar over het einde van de wereld heeft. ‘Pas als het goede nieuws over het koninkrijk in de hele wereld wordt verkondigd als getuigenis voor alle volken, zal het einde komen’ (Matteüs 24:14). Toch heeft hij het hier niet over het einde van de wereld, maar over het einde van de tempel. En dat goede nieuws over het koninkrijk dan? Over dat goede nieuws schrijft Paulus, ongeveer in 55 na Christus: ‘Overal in de wereld draagt het vrucht en groeit het, ook bij u, vanaf de dag dat u over Gods genade hoorde en de ware betekenis ervan begreep’ (Kolossenzen 1:6).

En wat bedoelt Jezus dan met: ‘Meteen na de verschrikkingen van die dagen zal de zon verduisterd worden en de maan geen licht meer geven, de sterren zullen uit de hemel vallen en de hemelse machten zullen wankelen. Dan zal aan de hemel het teken zichtbaar worden dat de komst van de Mensenzoon aankondigt, en alle stammen op aarde zullen zich van ontzetting op de borst slaan als ze de Mensenzoon zien komen op de wolken van de hemel, bekleed met macht en grote luister. Dan zal hij zijn engelen uitzenden, en onder luid bazuingeschal zullen zij zijn uitverkorenen uit de vier windstreken bijeenbrengen, van het ene uiteinde van de hemelkoepel tot het andere’ (Matteüs 24:29-31). Het stukje over de zon die verduisterd wordt en de maan die geen licht meer geeft, is een citaat uit Jesaja 13:10, en het stukje over de sterren komt uit Jesaja 34:4. Dit zijn bij de profeten beelden die duiden op een grote catastrofe, een enorme ommekeer. Daar gebruiken zij ‘kosmische beelden’ voor. In onze taal herken je dat ook nog altijd: een politieke aardverschuiving, ‘het leek alsof hemel en aarde vergingen’.

En hoe zit het dan met ‘de komst van de Mensenzoon’? Hier gaat het niet om de terugkomst van Jezus, maar om zijn aankomst. Een heel belangrijke tekst in dit verband is Daniël 7:13: ‘In mijn [Daniëls] nachtelijke visioenen zag ik dat er met de wolken van de hemel iemand kwam die eruitzag als een mens [lett.: Mensenzoon]. Hij naderde de oude wijze en werd voor hem geleid.’ Letterlijk staat er in dit vers: ‘Dan zal het teken verschijnen van de Mensenzoon in de hemel, en dan zullen alle stammen van het land zich op de borst slaan.’ Verwacht geen teken aan de hemel, zoals onze vertaling zegt. Maar zie de engelen die de uitverkorenen bijeen brengen uit de vier windstreken als het teken dat de Mensenzoon in de hemel regeert met macht en grote luister. En het gaat in Matteüs 24 ook niet over alle stammen op aarde, maar over alle stammen in het land Israël, die met ontzetting vaststellen dat Jezus van Nazaret toch de Messias is (Jezus verwijst hier naar Zacharia 12:10-14).

Het is wellicht even wennen om Jezus’ woorden zo te lezen. Maar het valt beter op z’n plek. Zeker als hij dan in Matteüs 24:34 zegt: ‘Ik verzeker jullie: deze generatie zal zeker nog niet verdwenen zijn wanneer al die dingen gebeuren.’

Ik sluit graag af zoals ik zondag ook afsloot: kijk niet bang of onzeker om je heen. Het gaat met deze wereld niet van kwaad tot erger. De Mensenzoon aan de rechterhand van de troon van  Gods majesteit zegt ook tegen jou: ‘Ik ben met jullie, alle dagen, tot aan de voltooiing van deze wereld’ (Matteüs 28:20). Laat je maar inschakelen in zijn werk van liefde. En lees in dat licht vooral Matteüs 24:45-51 en de drie gelijkenissen in Matteüs 25: wat jij doet, maakt groot verschil!
 
terug